Traditionele Chinese geneeskunde is gebaseerd op de bewering dat vitale lichaamsenergie (chi of qi) door 14 kanalen, meridianen genoemd circuleert, die vertakkingen zouden hebben naar alle organen en lichaamsfuncties. Ziekte wordt toegeschreven aan een uit het evenwicht zijn of storing van chi. Oude praktijken zoals acupunctuur en qigong zouden dit evenwicht herstellen. Traditionele acupunctuur, zoals ze nu toegepast wordt, bestaat uit het inbrengen van roestvrijstalen naalden in verschillende delen van het lichaam. Een lage frequentie stroom kan eventueel op de naalden aangebracht worden om een grotere stimulatie te geven. Sommige praktiserende acupuncturisten plaatsen naalden op, of bij de plaats van de ziektehaard, waar anderen punten kiezen op basis van de symptomen. In de traditionele acupunctuur wordt meestal een combinatie van punten gebruikt. De methode zou al meer dan 2000 jaar bestaan en is nauw verbonden is met Chinese filosofie. Sinds de bronstijd worden metalen naalden gebruikt. Voor die tijd gebruikte men naalden van steen.
